Ziet u geen mogelijkheden meer om uit de schulden te komen?
Dan kan schuldhulpverlening u wellicht uit de zorgen helpen.
Schuldhulpverlening is bedoeld voor personen of gezinnen die zelf
hun schulden niet meer kunnen oplossen.
Voorwaarden
Wie komt voor schuldhulpverlening in aanmerking?
Iedereen die in financiële problemen verkeert, kan schuldsanering
(schuldhulp) aanvragen.
Voorwaarden
Een professionele hulpverlener bemiddelt tussen u en de
schuldeiser om afspraken te maken over de betaling van de schuld.
Aan deze afspraken zijn regels verbonden.
U stelt alle middelen ter beschikking voor het betalen van uw
schuld. U moet bijvoorbeeld uw auto verkopen om uw schulden af te
lossen en uw maandelijkse uitgaven naar beneden te brengen. Slechts
in zeer bijzondere omstandigheden kunt u uw auto aanhouden.
De schuldeiser moet zich aan de afspraken houden.
U bent bereid om uw financiële problemen daadwerkelijk op te
lossen. Deze voorwaarde geldt tijdens het gehele
schuldhulpverleningstraject. Als u de afspraken niet nakomt of als
blijkt dat uw motivatie onvoldoende is, eindigt het
hulpverleningstraject.
Om te voorkomen dat u nieuwe schulden krijgt, kijkt de
schuldhulp ook naar de oorzaak van uw problemen.
U kunt begeleiding krijgen bij het afstemmen van uw uitgaven op
uw inkomen. Deze begeleiding kan een voorwaarde zijn voor de
hulp.
Schuldhulp voor ondernemers
Er is een verschil tussen schuldhulp voor particulieren en voor
ondernemingen. Schuldhulpverlening zoals hierboven beschreven, is
van toepassing op particulieren of gewezen ondernemers. Ondernemers
die een eigen bedrijf hebben, kunnen andere trajecten volgen. Zij
kunnen bijvoorbeeld schuldhulpverlening vragen bij hun boekhouder
of administratiekantoor, bij een advocaat, banken of het Instituut
Midden en Kleinbedrijf, of een beroep doen op het Besluit
bijstandsverlening zelfstandigen.
Bijzonderheden
Welke vormen van schuldhulpverlening zijn er?
De hulpverlener van de schuldhulpverlening stelt eerst uw vermogen,
inkomen en vaste lasten vast. Daarmee berekent de hulpverlener
hoeveel u kunt aflossen: uw aflossingscapaciteit. De hulpverlener
gebruikt dit bedrag voor een aanbod aan uw schuldeiser. U bent
verzekerd van een deel van uw geld om uw vaste lasten te betalen en
u krijgt geld voor de kosten van levensonderhoud. De schuldeiser
krijgt wat overblijft. De hulpverlener baseert de oplossing op uw
financiële mogelijkheden gedurende een periode van 36 maanden. In
bijzondere omstandigheden, bijvoorbeeld bij zeer hoge schulden, bij
schulden door fraude of ernstige verwijtbare handelingen, kan dat
een periode van 60 maanden zijn. Er zijn verschillende oplossingen
mogelijk.
Schuldbemiddeling
Bent u in staat uw schulden volledig te betalen dan
probeert de hulpverlener een betalingsregeling met uw schuldeiser
te treffen. Dit heet schuldbemiddeling.
Schuldsanering
Bent u niet in staat uw schulden binnen de gestelde termijn te
betalen, dan probeert de hulpverlener de schuldeiser een aflossing
aan te bieden die in uw vermogen ligt, tegen kwijtschelding van het
deel van de schuld dat u niet kunt betalen. Hiermee gaat de
schuldeiser vaak alleen akkoord als hij de aflossing in één keer
kan ontvangen. Daarvoor krijgt u dan een (schuld)saneringskrediet.
Dit heet schuldsanering.
De schuldeiser of verstrekker van een (schuld)saneringskrediet
kan voorwaarden stellen aan de hulpverlening, zodat u binnen de
aflossingsperiode niet opnieuw schulden maakt. De meest voorkomende
voorwaarden zijn budgetvoorlichting, budgetbegeleiding en
budgetbeheer.
Budgetvoorlichting
Budgetvoorlichting is een kort traject waarin u informatie en
advies krijgt over hoe u kunt rondkomen met uw besteedbaar inkomen.
Zo krijgt u inzicht in uw financiële mogelijkheden, waardoor u
zelfstandig in staat bent rond te komen.
Budgetbegeleiding
Budgetbegeleiding is een intensieve begeleiding, waardoor u inzicht
krijgt in uw financiële mogelijkheden. Uw vaardigheden komen ook
aan de orde. Het doel van budgetbegeleiding is dat u zelfstandig in
staat bent rond te komen. Budgetbegeleiding duurt langer dan
budgetvoorlichting.
Budgetbeheer
Bij budgetbeheer beheert een budgetbeherende instantie uw inkomen.
Het wordt op een speciaal daarvoor bestemde rekening gestort. Niet
u zelf maar de budgetbeherende instantie zorgt voor het betalen van
uw vaste lasten. U krijgt alleen huishoudgeld uitbetaald.
Budgetbeheer duurt vaak de gehele aflossingsperiode. Afhankelijk
van uw vaardigheden krijgt u budgetbegeleiding in de laatste fase
van budgetbeheer.
Schuldhulpverlening gebeurt op basis van vrijwilligheid van u en de
schuldeisers (dit heet een minnelijke regeling). Het is belangrijk
dat u de schuldeiser iets te bieden heeft (uw
aflossingscapaciteit).
Heeft u geen aflossingscapaciteit of werken de schuldeisers niet
mee, dan kunt u, na het stranden van de minnelijke regeling, een
beroep doen op de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP).
Deze wet is onderdeel van de Faillissementswet. U kunt de rechtbank
vragen een saneringsplan vast te stellen. De rechter bekijkt waarom
een minnelijke regeling niet is gelukt en hoe de schulden zijn
ontstaan. Onverantwoordelijk koopgedrag of fraude kan een reden
zijn om het verzoek af te wijzen. Ook als u in de tien jaar voor
het verzoek gebruik heeft gemaakt van de WSNP, kan de rechter het
verzoek afwijzen.
Stelt de rechtbank een wettelijk schuldsaneringregeling vast, dan
moet de schuldeiser meewerken. Gedurende een periode van drie of
vijf jaar wordt een deel van uw inkomen en bezittingen gebruikt om
zo veel mogelijk schulden af te lossen. Tijdens de schuldsanering
stelt de rechter een bewindvoerder aan. Deze gaat na of alles
volgens afspraak verloopt. In het wettelijk saneringsplan van de
rechter staat de vastgestelde periode en het aflossingsplan. Na
afloop beoordeelt de rechter of het saneringsplan goed is
uitgevoerd.
U kunt schuldhulpverlening aanvragen bij het Centraal Meldpunt
Schuldhulpverlening van de gemeente.
Meenemen
Identiteitsbewijzen van u en eventueel uw partner.
Bewijs van de sofi-nummers van u en eventueel uw partner.
Persoonsgegevens van alle gezinsleden (naam, leeftijd en
burgerlijke staat).
Een volledig ingevuld en ondertekend inventarisatieformulier,
met de benodigde bewijsstukken.
Bewijzen van uw inkomen en vermogen over de laatste drie
maanden, ook van alle gezinsleden (salaris/uitkeringsspecificaties,
bankafschriften, toekenning huursubsidie, toekenning kinderbijslag,
arbeidscontracten, alimentatie, enzovoort).
Bewijzen van de schulden van alle gezinsleden (contracten,
rekeningen, brieven van deurwaarders en incassobureaus,
enzovoort).